Corona update (23 maart 2020):
Tolk nodig? Een conference call of video is dé oplossing

Op dit moment werken we allemaal thuis om de verspreiding van het coronavirus in te dammen. Toch zijn er gesprekken die door moeten gaan waarbij een tolk nodig is. Had je al gedacht aan een conference call met tolk? Of een videotolk? Tijdens het gesprek hoef je dan niet op dezelfde locatie te zijn als jouw relatie of cliënt en heb je wel het gemak van een tolk.

Conference call met tolk aanvragen:

  1. Bel 088 255 52 22 of online met deze link.
  2. Er wordt gevraagd naar de gewenste taal.
  3. De verbinding met de tolk wordt gemaakt.
  4. Een instructiebandje wordt gestart.
  5. De verbinding met de cliënt/relatie en de andere gesprekspartners wordt gemaakt.
  6. Let op: wanneer je niet gelijk verbinding kan maken met een van de gesprekspartners toets dan *0# om het opnieuw te proberen, verbreek de verbinding niet.

Download gratis het handige overzicht!

Een conference call is mogelijk met maximaal 5 personen: jij, de cliënt/relatie, de tolk en maximaal 3 andere gesprekspartners. Bij een schaarse taal, kan je beter de conference call met tolk vooraf reserveren. In 80% van alle 200 talen heb je direct een tolk aan de lijn.

Videotolk aanvragen:

  1. Bel 088 255 52 22.
  2. Geef aan dat je geïnteresseerd bent in een videotolk.
  3. Geef aan welk videoplatform je wilt gebruiken.
  4. Wij denken met je mee over de juiste (technische) oplossing, we ondersteunen de meeste videoplatforms.*
  5. Ons doel is om binnen 24 uur een tolk voor jouw videodienst te hebben!

TVcN blijft 24/7 voor jou beschikbaar. Tolk direct spreken of reserveren? Bel 088 255 52 22 of vraag online aan met deze link.

*Het is belangrijk dat het videoplatform de mogelijkheid biedt om voorafgaand aan het gesprek een deelname link te delen met de tolk.

Binnen 1 minuut een tolk aan
de lijn?
Bel: 088 255 52 22
Thuiswerken door corona?
Tolk nodig?
Een conference call is de oplossing.

Weetjes over gebarentaal

We hebben al eerder geschreven over gebarentaal. Voornamelijk over de geschiedenis en over basisgebruik. Maar er valt nog veel meer over gebarentaal te vertellen. Wist u bijvoorbeeld dat hersenletsel gebarentaal op dezelfde manier als gesproken taal beïnvloedt? Dit en nog andere interessante weetjes leest u in deze blog!

Verschillende landen, verschillende gebarentalen

Er bestaat geen universele gebarentaal. Net zoals landen een eigen gesproken taal hebben, is dat ook zo met gebarentaal. Zelfs Britse en Amerikaanse gebarentaal verschillen van elkaar, ondanks dat in beide landen Engels wordt gesproken. Gebarentaal is niet gewoon een systeem dat is uitgevonden en vervolgens als hulpmiddel overgedragen aan de dovengemeenschap. Net als bij gesproken taal, is gebarentaal op natuurlijke wijze ontstaan in groepen mensen die interactie met elkaar hebben. Slechts een klein aantal gebaren is in de diverse gebarentalen hetzelfde, bijvoorbeeld de cirkelvorm door duim en wijsvinger voor ‘goed’.

Gebarentaal vertegenwoordigt niet gesproken taal

Omdat gebarentalen zich ontwikkelen binnen dovengemeenschappen, kunnen ze onafhankelijk zijn van de omringende gesproken talen. Wel is er veel contact tussen gebarentaal en gesproken taal omdat dove mensen in de omgevingstaal schrijven, lezen en liplezen, en gebarentaal weerspiegelt dit. Ook wordt gebarentaal vaak ondersteund door de mondbewegingen, die soms gerelateerd zijn aan woorden van de gesproken taal die in hetzelfde gebied wordt gebruikt. Soms is er echter geen relatie met de gesproken taal.

Gebarentalen hebben hun eigen grammatica

De grammatica van veel gebarentalen is essentieel anders dan die van de gesproken taal die in hetzelfde gebied gebruikt wordt. Veel gebarentalen hebben bijvoorbeeld, net als het Russisch, geen lidwoorden. Er zijn dan ook regels voor goed gevormde zinnen in gebarentaal. Gebarentaal gebruikt bijvoorbeeld de ruimte voor de gebarende door met wijzen te tonen wie wat deed bij wie. Veel gebarentalen hebben een (kleine) groep werkwoorden die ook gebruik kunnen maken van locaties in de gebarenruimte. Zo kan een werkwoord, in plaats van vóór het lichaam, gemaakt worden op een bepaalde locatie in de gebarenruimte. Sommige werkwoorden kunnen bewegen tussen twee locaties, en sommigen wijzen helemaal niet. Ook wenkbrauwen spelen een rol in gebarentaal, ze worden bijvoorbeeld opgetrokken bij een vraagstelling.

Kinderen verwerven gebarentaal op dezelfde manier als gesproken taal

De stadia van overname van gebarentaal zijn dezelfde als die voor de gesproken taal. Baby’s beginnen met ‘brabbelen’ met hun handen. Wanneer ze voor het eerst beginnen met het produceren van woorden, vervangen ze makkelijkere handvormen voor moeilijkere handvormen en maken zo schattige ‘baby-uitspraken’. Ze beginnen met het vormen van zinnen door gebaren samen te rijgen en passen pas later grammaticale regels toe.

Hersenletsel beïnvloedt gebarentaal op dezelfde manier als gesproken taal

Wanneer een vloeiend gebarende een beroerte heeft gehad of ander hersenletsel heeft opgelopen, kan hij het vermogen om goed te gebaren verliezen. Zo kan de gebarende bijvoorbeeld nog wel in staat zijn gebaren te maken, maar niet in de juiste grammaticale configuraties. Of nog wel in staat zijn zinnen te vormen, maar met onjuist gevormde handen waardoor er een soort vreemd ‘accent’ ontstaat. Soms kan hij nog snel en gemakkelijk gebaren, alleen slaat het nergens op. We weten uit het bestuderen van sprekende mensen dat het maken van geluiden heel anders is dan het gebruik van taal omdat deze functies verschillend worden beïnvloed door hersenletsel. Hetzelfde geldt voor gebarentaal. Neurologisch gezien is het maken van gebaren heel anders dan het gebruik van gebarentaal.

Vragen?
stel ze aan Eva

+31 (0)88 255 52 22 Whatsapp Mail

Vragen over gebaren tolken?