TVCN TVCN
Binnen 1 minuut een tolk aan
de lijn?
Bel: 088 255 52 22

Brits vs. Amerikaans Engels

We hebben al eens eerder een blog gepubliceerd over de verschillen tussen Brits en Amerikaans Engels, deze ging vooral over de verschillen in spelling en grammatica. Maar er zijn ook verschillen in woordgebruik, zoals het Britse of Amerikaanse woord voor patat. En zo zijn er nog veel meer. Wij hebben de meest voorkomende woordverschillen voor u verzameld!

Patat

Brits: chips
Amerikaans: French fries

Chips

Brits: crisps
Amerikaans: potato chips

Koekje

Brits: biscuit
Amerikaans: cookie

Hongerig

Brits: peckish
Amerikaans: hungry

Courgette

Brits: courgette
Amerikaans: zucchini

Aubergine

Brits: aubergine
Amerikaans: eggplant

Gepofte aardappel in schil

Brits: jacket potato
Amerikaans: baked potato

Snoepjes

Brits: sweets
Amerikaans: candy

Suikerspin

Brits: candy floss
Amerikaans: cotton candy

Waterijsje

Brits: ice lolly
Amerikaans: popsicle

Melasse

Brits: treacle
Amerikaans: molasses

Gymschoenen

Brits: trainers
Amerikaans: sneakers

Trui

Brits: jumper, pullover
Amerikaans: sweater

Herenvest (onder een colbert)

Brits: waistcoat
Amerikaans: vest

Bretels

Brits: braces
Amerikaans: suspenders

Flatgebouw

Brits: block of flats
Amerikaans: apartment building

Flat

Brits: flat
Amerikaans: apartment

Begane grond

Brits: ground floor
Amerikaans: first floor, ground floor

Eerste etage

Brits: first floor
Amerikaans: second floor

Afhaaleten

Brits: takeaway
Amerikaans: takeout

Dienstregeling

Brits: timetable
Amerikaans: schedule

Gum

Brits: rubber
Amerikaans: eraser (rubber is een condoom)

Post

Brits: post
Amerikaans: mail

Motorkap

Brits: bonnet
Amerikaans: hood

Achterbak

Brits: boot
Amerikaans: trunk

Voorruit

Brits: windscreen
Amerikaans: windshield

Richtingaanwijzer

Brits: indicator
Amerikaans: blinker, turn signal

Grote Beer / steelpannetje (sterren)

Brits: the Plough
Amerikaans: the Big Dipper

Vakantie

Brits: holiday
Amerikaans: vacation (the holidays staan meer voor Thanksgiving en kerstmis)

Herfst

Brits: autumn
Amerikaans: fall, autumn

Hoofdstraat

Brits: high street
Amerikaans: main street

Vrachtwagen

Brits: lorry
Amerikaans: truck

Stationwagen

Brits: estate car
Amerikaans: station wagon

Lift

Brits: lift
Amerikaans: elevator

Luier

Brits: nappy
Amerikaans: diaper

Fopspeen

Brits: dummy
Amerikaans: pacifier

WC

Brits: loo
Amerikaans: restroom, bathroom

Televisie

Brits: telly
Amerikaans: TV, television

Metro

Brits: underground
Amerikaans: subway

Apotheek

Brits: chemist’s
Amerikaans: drugstore, pharmacy

Wachtrij

Brits: queue
Amerikaans: line

Zaklamp

Brits: torch
Amerikaans: flashlight

Mobiele telefoon

Brits: mobile phone
Amerikaans: cell phone

Afval

Brits: rubbish
Amerikaans: garbage, trash

Broek

Brits: trousers
Amerikaans: pants

Bioscoop

Brits: cinema
Amerikaans: movie theater

Lees ook de blog Engels is Engels… toch?

Vragen?
stel ze aan Eva

+31 (0)88 255 52 22 Whatsapp Mail

Meer weten over onze tolken Engels?