tvcn Tolk - en Vertaalcentrum Nederland

Vragen of tolk reserveren?

Bel: 088 255 52 22

Kwaliteitsnorm voor tolken in de zorg

  • Geplaatst door TVCN |
  • 12-02-2014

Wanneer een zorgverlener te maken heeft met een anderstalige patiënt die niet of nauwelijks Nederlands spreekt, schat hij in of de taalbarrière het verlenen van adequate zorg in de weg staat. Indien dit het geval is, dan is het nodig een tolk in te schakelen om tot een effectieve communicatie te komen. In een aantal situaties is het noodzakelijk dat een professionele tolk wordt ingezet om verantwoorde zorg te kunnen bieden. In andere situaties kan een informele tolk voldoende zijn. Van zorgverleners wordt verwacht dat zij kunnen inschatten in welke situaties een tolk nodig is en of dit een professionele, of een informele tolk kan zijn. Gebruik van een kwaliteitsnorm helpt bij het maken van deze keuze.

Goede communicatie tussen een zorgverlener en een patiënt is noodzakelijk zodat de patiënt zijn klachten goed kan uitleggen en de zorgverlener in staat wordt gesteld goede zorg te leveren. Als de zorgverlener en patiënt onvoldoende met elkaar kunnen communiceren, kunnen zij elkaar over essentiële zaken niet informeren. Een zorgverlener heeft behoefte aan informatie van de patiënt, over diens eigen gezondheid, de aard van de klachten/hulpvraag en het effect van de behandeling. Anderzijds is de zorgverlener verplicht de patiënt informatie te verschaffen over aspecten van de behandeling. Dit kan problematisch zijn bij een taalbarrière. Als de zorgverlener en de patiënt elkaar door een taalbarrière onvoldoende begrijpen, is het risico zeer groot dat de patiënt niet de juiste hulp of behandeling krijgt. Daarom moet de zorgverlener maatregelen treffen om die barrière op te heffen door het inschakelen van een tolk. Dit geldt zeker voor werkvelden, zoals de ggz, waar taal nog centraler staat dan elders.

Op grond van de 'Veldnorm voor de inzet van tolken in de gezondheidszorg' uit 2008 moest in alle gevallen waarin sprake is van een taalbarrière een professionele tolk ingeschakeld worden. De verandering van de financiering van tolkdiensten per 1 januari 2012 betekende echter een hernieuwde discussie over rechten en plichten van patiënt en zorgverlener, over financiering en over het gebruik van informele tolken. Het is duidelijk dat er een tolkvoorziening nodig is in alle gevallen met een taalbarrière. De vraag is echter wanneer dit een professionele tolk moet zijn of wanneer een informele tolk volstaat.

Het afschaffen van de tolkenvergoeding ontslaat de zorgverlener niet van de plicht om verantwoorde zorg te leveren. Het legt een grotere druk op de zorgverlener om alsnog die maatregelen te treffen die ertoe leiden dat goede zorg geleverd kan worden. Daarbij komt dat patiënten bij wie sprake is van een taalbarrière niet altijd de middelen hebben om een professionele tolk te betalen. Ook is het de vraag of van migranten of vluchtelingen die relatief kort in Nederland wonen, kan worden verlangd dat zij de Nederlandse taal dermate goed beheersen dat de zorgverlener bij hen kan voldoen aan de informatieplicht van de zorgverlener. Uit de praktijk blijkt dan ook dat zorgverleners en zorginstellingen deze situatie proberen op te lossen door hiervoor middelen vrij te maken die voor andere doeleinden zijn bestemd, dat anderstalige patiënten naar andere instellingen worden doorgeschoven of dat gekozen wordt voor ad hoc oplossingen zonder dat er een afwegingskader bestaat of kwaliteitsgaranties zijn. Tegelijkertijd moet worden onderkend dat de Veldnorm uit 2008 weinig ruimte laat voor een eigen afweging van de zorgverlener.

Bij het maken van de keuze of een professionele tolk moet worden ingeschakeld of dat een informele tolk volstaat, spelen allerlei afwegingen een rol. Het hangt af van het werkveld, de omstandigheden en van de zorgvraag. En natuurlijk van de wens van de patiënt. Wil die zelf iemand meenemen om te tolken en is deze persoon voldoende in staat om de klachten van de patiënt te verwoorden? De eergister (10/03/2014) gepubliceerde 'Kwaliteitsnorm tolkengebruik bij anderstaligen in de zorg' brengt dit soort afwegingen in kaart aan de hand van een aantal praktische vragen. Dit helpt zorgverleners om gepast en doelmatig met tolkeninzet om te gaan.

De kwaliteitsnorm is opgesteld door KNMG, KNOV, LHV, NHG, NIP, NPCF en NVvP op initiatief van Pharos. Alle betrokken organisaties zullen zich de komende tijd inzetten voor de implementatie van deze kwaliteitsnorm onder de beroepsbeoefenaars en patiënten.