tvcn Tolk - en Vertaalcentrum Nederland

Vragen of tolk reserveren?

Bel: 088 255 52 22

Taal is van invloed op latere rekenvaardigheden

  • Geplaatst door TVCN |
  • 29-10-2013

Een nieuw onderzoek heeft uitgewezen dat het leren van taal in bepaalde mate ook van invloed is op latere rekenkundige vaardigheden. Wanneer iemand een kind leert praten en daarbij regelmatig cijfers gebruikt, zou het kind volgens het onderzoek een betere voorsprong in rekenen krijgen dan wanneer hij gewoon 1-2-3 enzovoorts moet onthouden.

Het onderzoek werd uitgevoerd door de Universiteit van Californië in San Diego, VS, onder leiding van David Barner, professor psychologie en linguïstiek van de divisie Sociale Wetenschappen. Het onderzoek richt zich op hoe goed kinderen van 2 tot 4 jaar cijferconcepten begrijpen.

Volgens Barner is het al sinds de jaren '70 bekend dat leren tellen anders is dan het begrijpen wat getallen eigenlijk betekenen. Een kind dat cijfers in de juiste volgorde kan opzeggen, is niet noodzakelijkerwijs in staat om een goed antwoord te geven op een simpel rekensommetje als bijvoorbeeld 1+2. Ook is het bekend dat latere wiskundige prestaties worden beïnvloed door de zeer vroegste ervaringen, alleen kon men er tot nu niet de vinger op leggen wat er dan precies toe deed in deze vroege ervaringen.

Daarom is Barner, samen met een aantal collega's van andere universiteiten, op zoek gegaan naar de mogelijke invloed van taal. De basis van het onderzoek werd gevonden bij sprekers van de Sloveense taal en sprekers van het Saoedische dialect van het Arabisch. In beide gevallen, naast enkelvoud en meervoud van woorden, kennen de talen een fijnere grammaticale onderscheiding voor sets van twee. Ze hebben een zogenaamde 'dubbele markering', een stukje grammatica dat vergelijkbaar is met een meervoud, maar dat sprekers gebruiken als het over hoeveelheden van precies twee gaat.

Kinderen die deze talen spreken, lijken het concept van 'twee' veel eerder te begrijpen dan andere kinderen, zegt Barner. Zelfs wanneer de kinderen weinig of geen training in tellen hebben gehad. In feite zijn ze sneller met het leren van cijferwoorden dan kinderen die bijvoorbeeld Russisch, Japans en Mandarijn-Chinees spreken, ondanks het feit dat sommige van hen juist veel meer ervaring hebben in het leren tellen.

"Ons onderzoek levert het sterkste bewijs tot nu toe dat de taal die een kind spreekt van invloed is op de snelheid waarmee ze cijferwoorden leren. En ook dat het horen van cijferwoorden in naturalistische spraak - niet alleen in telroutines en -procedures - een cruciaal onderdeel is in het leren van cijferwoorden", aldus Barner.

Interessant is wel dat het vroege voordeel van taal weer lijkt te verdwijnen wanneer er werd gekeken naar cijfers hoger dan twee en wanneer de kinderen opgroeien. Waar er nog drastische verschillen waren tussen 2-jarigen met een 'dubbele markering'-taal en andere kinderen, begrepen op 4-jarige leeftijd de andere kinderen juist weer beter de concepten 'drie' en hoger.

Volgens Barner is het dus ook belangrijk dat kinderen de reguliere telroutines leren, bijvoorbeeld aan de hand van liedjes zoals '1, 2, 3, 4 hoedje van papier'. Maar het is evengoed minstens zo belangrijk om cijfers in natuurlijke spraak te gebruiken bij zeer jonge kinderen. Bijvoorbeeld door "dat zijn twee schoenen" te zeggen wanneer iemand naar een paar schoenen wijst.